Pinksterfestival Brummen

Wat een feest was het 3e Shantyfestival in Brummen, georganiseerd door shantykoor de IJsselboei. In de polonaise verlieten alle hoofdrolspelers, onder een staande ovatie van het publiek, de Andreaskerk, aangevoerd door de opzwepende klanken van de Pretband. Dit jaar had de IJsselboei gezorgd voor een setting met koren uit Ugchelen, Katwijk (ZH) en Westkapelle (Zeeland).

Het organiseren van zo'n groot evenement is in goede handen bij het Brummens koor, gezien de superlatieven die na afloop door de koren werden uitgesproken. Met perfecte omstandingen (het is met Pinksteren schijnbaar altijd lekker weer) zat de Andreaskerk van begin tot eind van het evenement bomvol. Slechts bij een wisseling van een koor liep de kerk even leeg om vervolgens weer vol te stromen met een nieuwe lichting muziekliefhebbers.

Het Sokkenbuurt Zeemanskoor wist het publiek te boeien met o.a. een aantal prachtige Ierse seasongs. Het koor 'Voor de mast' uit Katwijk (op 31 juli gastheer van o.a. de IJsselboei) wist met groot enthousiasme het publiek te vermaken met een breed repertoire. Het Westkappels Koor, die zich qua muziek vergelijken met de Dubliners (maar dan NL-talig), hadden duidelijk een heel ander repertoire. Zij zongen vooral over het leven in-, op- en aan de Zeeuwse kust. Het Brummense shantykoor liet zien dat er het afgelopen jaar flinke progressie is geboekt en zij brachten het Brummens publiek tot beroering door hun grote enthousiasme.

Pinksterfestival Brummen

Plat in de boot en gewoon doorzingen

Door Nadine BerkelaarHet Westkappels Koor

Middelburg - Op de Beatrixbrug legt een man zijn handen om zijn oren. "Harder!" roept hij. Het Westkappels koor geeft tijdens het festival Middelburg Vol-koren een bijzonder concert: vanuit de rondvaartboot.

Mannenkoren, vrouwenkoren, klassieke koren, popkoren, kamerkoren, gospelkoren, professionele koren en amateurkoren. Nergens in Nederland is de verscheidenheid tijdens een korenfestival zo groot als in Middelburg. Dit jaar zijn er 43, een aantal minder dan vorig jaar, toen het festival volgens de organisatie net iets te groot was. De vaartocht van het Westkappels koor is een aardigheidje. "Dat wil bijna geen enkel koor”, zegt secretaris Hans Kuijper. De meesten zingen liever binnen. Daar is de akoestiek beter.

Mannen in het midden.

De sopranen van het Westkappels koor gaan voorin, net achter de kapitein. "De mannen in het midden", gillen de vrouwen. "Hier past precies een kratje bier onder", zegt een stoere zanger, met een blik op het bankje voor hem. " 't Schip verdween angstig in de golven", gniffelt een ander. "Ja, dat is een liedje, maar dat zingen we hier niet hoor."

Het koor instaleert zich voor de tocht. De vrouwen slaan een doek om hun blote armen. Het is fris op eerste Pinksterdag. Het koor heeft er zin in. "Als je de liedjes kennen, mogen je mee zingen”, zegt één van de zangers tegen toeristen uit de Betuwe. "Mag dat?" Ja dus. "Zo hard mogelijk." Terwijl de boot langzaam wegtuft, bast het koor: Row row row your boat. De schipper geeft gas, de vrouwen haken in, in kanon: Merrily, merrily, merrily, merrily, gently down the stream. Op de eerste brug staat er één te dirigeren. Het koor bukt, om de mutsen niet te verliezen.

Bruggetje

Ik heb op zee, mijn leven lang gevaren, zingen de mannen, terwijl de boot de Konmar passeert. Waar het lied der branding ruist bij dag en nacht, vallen de vrouwen in. Trouwe aanhangers van het koor volgen de boot op de fiets. Langs de kant zingen mensen Daar bij die molen mee. De kapitein wuift. Bij de sluis bij de Rechtbank klingt applaus. Daar woont 't meisje waar ik zo veel van hou, vervolgt het koor. En weer een bruggetje. Allemaal plat in de boot en gewoon door zingen. Één van de vrouwen lacht. "Zo heb ik nog nooit gezongen!" Het klinkt lekker hol onder de Koningsbrug. Ik weet dat jij op mij zult wachten, en dat je aan de kaai zult staan. Met een wat lager volume gaat het onder de Beatrixbrug door, richting het Prins Hendrikdok, en weer terug, langs dezelfde route. Weer enthousiasme bij de rechtbank. Een vrouw komt los van haar rollator en gooit de armen in de lucht. Ze kent de tekst en zingt mee: Waar in't bronsgroen eikenhout het nachtegaaltje zingt. Dan nadert de aanlegsteiger alweer. "Het Zeeuws volkslied?” stelt dirigente Marcela Simonsvoor. "Hè nee", doet het koor. Rolling home to dear old England, Rolling home, dear land to thee. Vlak bij de steiger zingen ze dan toch het volkslied, alle drie de coupletten. En terwijl ze uit de boot stappen, gaan ze gewoon nog even door.

Persbericht volkorendag 2 Juni 2008